Meer info over autisme

Mensen met autisme hebben in de eerste plaats moeite met sociale contacten. Autisme wordt om die reden ook wel een contactstoornis genoemd. Mensen met autisme hebben moeite met begrijpen van wat de ander wil en met begrijpen van wat van hem of haar verwacht wordt. Dit kunnen eenvoudige opdrachten of wensen zijn, maar ook meer subtiele wensen of verwachtingen. Iemand met autisme maakt dan ook een sociaal onhandige indruk. Autisme houdt overigens beslist niet altijd in dat het contact met anderen wordt vermeden of afgewezen. Mensen met autisme hebben soms juist een sterke behoefte aan contact, maar weten dit niet in de juiste vorm te gieten of te doseren.

Communicatie

In de tweede plaats is er bij mensen met autisme vaak sprake van moeilijkheden op het gebied van verbale en non-verbale communicatie. De taalontwikkeling komt vertraagd, nauwelijks of geheel niet op gang, anderen praten wel, maar de manier waarop zij dat doen is opvallend door de woordkeus, de intonatie en de vele herhalingen. Bij sommigen is sprake van opvallend goed taalgebruik, maar ook bij hen ontbreekt een voldoende mate van wederkerigheid in de communicatie: zij houden te weinig rekening met de ander. Het onder woorden brengen van gevoelens lukt mensen met autisme niet, gedrag van anderen wordt vaak verkeerd begrepen.

Speciale gewoontes

In de derde plaats hebben mensen met autisme moeite met veranderingen en houden zij er speciale gewoontes of bezigheden op na. Zij neigen tot herhalen van eenzelfde bezigheid, maar ook hebben mensen met autisme soms eenzijdige interessegebieden, waarbij zij over een specifiek onderwerp vaak opvallend veel kennis kunnen bezitten. Ook is het voorstellingsvermogen van mensen met autisme beperkt, waardoor zij moeite hebben een inschatting te maken van wat hen te wachten staat. Soms weet iemand met autisme geen onderscheid te maken tussen zijn of haar fantasie en de werkelijkheid. Vaak is er ook sprake van een over- of ondergevoeligheid voor zintuiglijke informatie (bv geluiden, geuren, visuele prikkels, tactiele prikkels of bewegingen)

Motorisch

Bijkomende opvallende zaken bij mensen met autisme zijn motorische onhandigheid, een voorkeur voor het gebruik van nabijheidszintuigen zoals ruiken, proeven en tasten, en plotselinge, voor anderen onlogische angsten. Bovenstaande kenmerken zijn in meer of mindere mate van toepassing op alle mensen bij wie sprake is van een stoornis in het autismespectrum. In de DSM IV wordt een onderscheid gemaakt tussen de eigenlijke autistische stoornis, de stoornis van Asperger en de aan autisme verwante stoornis (PDDNOS). In de DSM 5 is dit onderscheid vervallen.

Geen greep

Kern van de autismespectrumstoornis is een andere manier van informatieverwerking, waardoor er problemen ontstaan in de betekenisverlening en de sociale omgeving gefragmenteerd wordt waargenomen. Hierdoor pakt de mens met autisme sociale informatie onvoldoende op en functioneert hij min of meer los van de sociale context. Mensen met autisme zijn als het ware blind voor de context. Zij hebben vaak ernstige cognitieve en/of interactieve problemen, waardoor zij geen greep krijgen op de sociale situatie. Deze blijft voor hen te complex of overprikkelend. Als tekenen van overprikkeling kunnen zich onrust, ontremming, (toename van) bizar, provocerend, oppositioneel en dwangmatig gedrag en ook automutilatie voordoen.

Behandeling

Yulius Autisme heeft een zeer uitgebreid behandelaanbod voor kinderen, jongeren en volwassenen met autisme. Wij bieden gespecialiseerde hulp in de vorm van een poliklinische, deeltijd of klinische behandeling. Ook biedt Yulius Autisme begeleiding op het gebied van wonen, al dan niet in een woonvoorziening.

Autismevriendelijkheid

Wat is autismevriendelijkheid precies? Yulius Autisme verstaat hieronder het volgende: rekening houden met zowel de sterke kanten als de minder sterke kanten van een mens met autisme op zo’n manier dat hij of zij zich begrepen en serieus genomen voelt, zich veilig voelt en de omstandigheden optimaal zijn voor zijn of haar ontwikkeling. Hierdoor wordt het mogelijk (met zo min mogelijk hulp) zo zelfstandig mogelijk deel te nemen aan het maatschappelijk leven.